Mijn afstudeerplan: een concertgebouw

Een groot componist verdient het om herinnerd te worden. Daarom ontwerp ik een concertgebouw in Bergen, Noord Holland voor de muziek van de onlangs overleden componist Simeon ten Holt. Zijn pianomuziek zal het uitgangspunt van mijn ontwerp zijn. Middels onderzoek ga ik ontdekken hoe ik muziek kan vertalen in architectuur. Dit concertgebouw is niet slechts een omhulsel voor zijn muzikale klanken, maar is zelf daadwerkelijk een toevoeging en eerbetoon aan Ten Holt’s oeuvre.


In deze blog presenteer ik aan jou de start van mijn afstuderen voor architect op de Rotterdamse Academie van Bouwkunst. Middels de vragen Wat, Waarom, Wanneer, Wie en Waarmee zal ik het plan voor mijn afstudeerproces toelichten. Ik plaats dit niet zonder reden op mijn blog; ik ben ook benieuwd naar jouw gedachten over dit onderwerp en mijn aanpak van dit proces. Dit doe ik ook omdat ik niet zo geloof in de kracht van de eenling in een ontwerpproces; juist door met veel mensen over je ontwerp te spreken kun je een plan naar een hoger niveau tillen. Of, zoals mijn docente zei over een tussenpresentatie: “de kracht van een peiling ligt in de dialoog”.

Wat ga je ontwerpen?

Ik ga de tonale muziek van Simeon ten Holt vertalen in ruimte. Het wordt een specifiek concertgebouw voor de muziek van Ten Holt en genre-genoten. Generieke concertgebouwen hebben we al genoeg, daar wil ik er niet nog één aan toevoegen. De grootte zal ergens tussen de 100 en 700 zitplaatsen liggen. Het precieze aantal plaatsen weet ik nog niet, dat wordt bepaald door het akoestische volume van de concertzaal: die zaal moet aansluiten bij de muzikale beleving van Ten Holt’s massieve muziek, maar tegelijkertijd ook flexibel zijn om alternatieve orkestopstellingen te kunnen huisvesten.

Ik wil hiermee de nagedachtenis aan Simeon ten Holt als nationale componist hoog houden; zin geven aan het feit dat hij is overleden en de plaats Bergen een manier geven om dat te verwerken. Ook wil ik Nederlanders herinneren aan hun eigen waardevolle culturele verleden en daarop trots laten zijn.

Waarom een concertgebouw?

Omdat dat, tezamen met een bibliotheek, het gebouw is wat ik het meest interessant vind om te bezoeken. Een bibliotheek heb ik al ontworpen, zie daarvoor het artikel over een nieuwe bibliotheek voor Rotterdam. Ik hou van klassieke muziek en het bezoeken van concerten van bijvoorbeeld het Concertgebouw in Amsterdam, De Doelen in Rotterdam of het Frits Philips muziekcentrum in Eindhoven. Een concertgebouw is een publiek gebouw, kent vaak een interessante routing en is een drager van cultuur.

In Nederland blijkt elke grotere stad al een concertgebouw te hebben -of een theater wat als zodanig dienst doet. Voor een concertgebouw voor klassieke muziek ligt er dus niet direct een vraag. Wat ik interessant vind aan culturen ten oosten van ons (waar ook het merendeel van de klassieke muziek vandaan komt) is dat muzikanten gevierd worden in de plaats waar ze geboren zijn. Zo heb je in Bayreuth de Wagner-cultus: voorstellingen van zijn opera’s zijn zó populair dat je tien jaar van tevoren al een kaartje moet reserveren om in een veel te krappe concertzaal een once-in-a-lifetime opera mee te maken.

In november 2012 is Simeon ten Holt overleden. Hij is vooral bekend van het werk ‘Canto Ostinato’, wat hij in de jaren ‘70 componeerde. Zijn werk heeft raakvlakken met andere vormen van kunst en daarom lijkt zijn persoon mij een mooie gelegenheid om een concertgebouw voor te ontwerpen.

De muziek van Ten Holt kent een zekere gelaagdheid. Telkens als je een stuk van hem luistert kun je nieuwe dingen ontdekken. Op het eerste gehoor is het gedreun van de piano zeer monotoon, maar als je verder luistert blijken er telkens subtiele overgangen in te zitten die het werk aaneenrijgen tot één geheel. Doordat er zo’n vast ritme in zit kun je je ook op een bepaalde manier concentreren. Een concentratie die je met andere muziek niet lukt; het stimuleert je onderbewustzijn in het mediteren. Een citaat van Ineke Verdoner verwoordt het treffend:

“Door de herhaling van de thema’s en de afwezigheid van bombast ontstaat er een soort ‘stilte’ in de muziek. Waar anderen gek worden omdat het repeterende ze irriteert, kom ik tot rust, adem dieper en ontspan me direct. Of dat nu Metamorphoses van Glass is, de eindelijk erkende Canto of het Triple Concert van Reich; minimal creëert ruimte. Een verademing!”

Een concert op vijf vleugels in Utrecht Centraal. Foto door Joeri van Veen.

Met wie?

Vanuit de academie is Jeroen Visschers de voorzitter van de afstudeercommissie. Als mentor heb ik architect Floris Cornelisse van HappelCornelisseVerhoeven architecten gekozen. Ik heb tijdens een eerder atelier al met hem samengewerkt en zijn ambachtelijke opvattingen over architectuur spreken mij aan. Een voorbeeld van zijn architectuur is het Noord-Hollands archief waarin ‘elk element door de hand van de ontwerper is aangeraakt’. Dit project is ook opgenomen in het Jaarboek Architectuur 2012/2013.

Udo Garritzmann zal me begeleiden als externe criticus. Het is zijn rol om mijn plan tijdens tussenpeilingen aan te scherpen. Ik heb voor hem gekozen omdat hij ervaring heeft met concertgebouwen. In zijn tijd bij de ArchitectenCie werkte hij aan geluidstechnisch interessante projecten als de Philharmonie in Haarlem en het Conservatorium in Amsterdam.

Waarmee?

Onderzoek naar de muziek van Simeon ten Holt zal de grondslag zijn van het ontwerp: de relatie tot de omgeving, de vorm, de verdeling van het programma, de routing, de akoestiek en de materialisering. Maar ook onderzoek naar de locatie in Bergen en een historische-precedenten onderzoek zijn middelen om aan data te komen. Dit onderzoek wil ik verweven met het gehele ontwerpproces. Hoe ik dat denk te doen kun je zien in het onderstaande diagrammen. Hier zie je de verschillende vormen van onderzoek: van theoretisch naar praktisch.

En als je dat onderzoek dan uitzet tegen de tijd ziet dat er als volgt uit:

Bij wijze van experiment zal de voortgang van dit afstuderen ook te lezen zijn als artikelenserie op deze architectuurblog. Het helpt mij met het verwoorden en verwerken van het ontwerpproces en ik ben benieuwd of ik ook via de digitale weg kritiek kan vergaren op mijn ontwerp zodat ik het kan verbeteren.

Tot slot

Het afstuderen duurt een klein jaar: in januari 2014 hoop ik mijn eindpresentatie te houden. Vanuit de opleiding wordt ook gevraagd om een aantal beoordelingscriteria te formuleren waarop je dan getoetst zult worden. Voor mezelf heb ik de volgende vier criteria opgeschreven:

  • Of ik mijn onderzoek naar de muziek van Simeon ten Holt, de locatie, en de historische precedenten tot het eind toe heb doorgezet en gebruikt om ontwerpkeuzes te maken.
  • Of dit een concertgebouw is wat specifiek ontworpen is voor Simeon ten Holt en zijn muziek. De muziek is leidend voor de architectuur.
  • Of ik op de juiste momenten mijn ‘onderbuikgevoel’ heb gevolgd, en deze momenten heb genoteerd. Dit naar aanleiding van het laatste drempelgesprek waaruit bleek dat ik minder rationeel en meer intuïtief mag ontwerpen.
  • Of ik me met dit gebouw duidelijk profileer als ontwerper, en dit ontwerp dus een echte ‘Frank’ is. Of ik echt sta voor mijn ontwerp en het durf te verdedigen.

Voel je vrij om hieronder een reactie achter te laten! In de tussentijd kun je misschien deze uitvoering van de Canto Ostinato beluisteren:

Info

Dit artikel is op geschreven door in de categorie architectuur.

het op Twitter
Deel op Facebook

Eén reactie op Mijn afstudeerplan: een concertgebouw

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *